Je kunt jezelf jarenlang goed kennen. Je weet hoe je reageert, waar je grenzen liggen en wat je nodig hebt. Je hebt patronen doorzien, oude stukken aangekeken en misschien allang gedacht: dit ken ik inmiddels wel van mezelf.
En dan komt iemand dichtbij.
Iemand raakt iets in je wat je niet had zien aankomen. Een blik, een aanraking, afstand waar je nabijheid verwachtte of nabijheid waar je ineens van terugdeinst. Soms is het iets in de ander waar je je mateloos aan irriteert en waar je tegelijkertijd door wordt aangetrokken. Of iets wat je aantrekt en tegelijkertijd als grensoverschrijdend wordt ervaren. Je weet niet altijd precies waarom iemand zoveel in je losmaakt, maar ineens kom je kanten van jezelf tegen waarvan je dacht dat je ze allang kende.
Je kunt jezelf als onafhankelijk ervaren en in een relatie ineens voelen hoe bang je bent om iemand kwijt te raken. Overtuigd zijn van je vrijheid en ontdekken hoeveel behoefte aan grip er ontstaat zodra je vertrouwde werkelijkheid begint te verschuiven. Of denken dat ontvangen je gemakkelijk afgaat, totdat iemand iets geeft wat je werkelijk binnenlaat.
En soms gebeurt er iets waarvoor je hoofd nog helemaal geen verhaal heeft. Je lichaam heeft al gereageerd.
Wanneer je lichaam eerder antwoordt
Ons lichaam wacht niet altijd tot we begrijpen wat er gebeurt. Er ontstaat spanning of warmte, iets opent of trekt samen, je beweegt naar iemand toe of juist naar achteren. Soms voel je verlangen, soms weerstand, soms een heel duidelijke grens. En soms verrast je eigen reactie je, omdat je dacht dat je iets wilde en je lichaam iets anders laat voelen. Of omdat iets waarvan je altijd dacht dat het niets voor jou was ineens een onverwachte levendigheid wakker maakt.
Dat betekent niet dat iedere impuls gevolgd hoeft te worden. Juist in intimiteit wordt onderscheid belangrijk. Een verlangen kan volledig gevoeld worden zonder dat het daarmee uitgevoerd hoeft te worden. Een lichamelijke reactie kan informatie geven zonder dat die reactie bepaalt wat je vervolgens doet.
De ontmoeting begint veel eerder: bij werkelijk horen wat er in je leeft. Zonder er meteen een oordeel over te hebben en zonder het onmiddellijk passend te maken binnen het beeld dat je al van jezelf kende. Wat gebeurt hier in mij? Waar verlang ik naar? Waar ligt mijn grens? Wat wordt hier wakker?
Wat we in de ander ontmoeten
Verlangen kan iets zichtbaar maken wat we nog niet goed van onszelf kennen. Achter iemand die gewend is veel te dragen kan bijvoorbeeld een diep verlangen leven om zelf gedragen te worden. Iemand die dacht vooral naar overgave te verlangen kan ontdekken hoe levend het voelt om positie in te nemen of macht te ervaren. En een fantasie die je verrast, kan uiteindelijk minder gaan over de letterlijke vorm dan over de vrijheid, kracht, overgave of levendigheid die daarin wordt aangeraakt.
Ook de ander kan daarin een spiegel worden. Wat we intens bewonderen, wat ons aantrekt en zelfs waar we sterk op reageren, kan iets aanraken wat ook in onszelf leeft. Soms ontmoeten we buiten onszelf iets wat we in onszelf nog nauwelijks herkennen.
Hier raakt intimiteit aan wat Jung schaduw en individuatie noemde. Onze schaduw bestaat niet alleen uit kanten van onszelf die we liever niet zien. Ook kracht, verlangen, seksualiteit, zachtheid, autonomie, ontvankelijkheid en creatiekracht kunnen buiten ons bekende zelfbeeld zijn geraakt.
Ook anima en animus horen bij die beweging. In Jungs klassieke beschrijving ontmoet de man in zijn anima het innerlijk vrouwelijke en de vrouw in haar animus het innerlijk mannelijke. Wat we aanvankelijk vooral in de ander ontmoeten, kunnen we gaandeweg in onszelf leren herkennen en integreren. Dat is onderdeel van het individuatieproces: delen die eerder niet binnen ons bekende zelfbeeld pasten, worden bewust en krijgen opnieuw een plek in wie we zijn.
De ander kan ons zo iets laten zien wat al in ons leefde, maar waar we zelf nog nauwelijks toegang toe hadden.
Intimiteit, macht en polariteit
Intimiteit brengt ons ook dicht bij macht. Bij het spel van aantrekken en afstoten, naderen en terugtrekken, ontvangen en nemen, leiden en volgen, kracht en overgave. Soms willen we dichterbij en beweegt er tegelijkertijd iets naar achteren. Soms is het juist de kracht van de ander die aantrekt én weerstand oproept.
Daar wordt polariteit heel lichamelijk. Het mannelijke en vrouwelijke zijn geen vaste rollen, maar krachten die in ieder van ons leven en ook tussen mensen voelbaar worden. Wie leidt, wie volgt, wie opent, wie beweegt naar voren, wie trekt zich terug? Die dynamiek kan in één ontmoeting verschuiven en onverwachte kanten van onszelf naar boven brengen.
Misschien ontdek je dat je wilt worden gedragen waar je gewend bent zelf te dragen. Dat je wilt leiden waar je dacht te willen volgen. Dat overgave veel meer kracht in zich draagt dan je dacht, of dat het innemen van je eigen kracht juist plezier en levendigheid wakker maakt.
Daar kan iets verschuiven in hoe je jezelf kent. Je ontdekt dat kracht niet alleen zit in vasthouden, sturen en bepalen. Dat ontvangen je niet minder krachtig maakt. Dat overgave je niet kleiner maakt. En dat je eigen kracht innemen juist meer ruimte kan geven aan plezier, verlangen en levendigheid.
Intimiteit brengt ons op plekken waar we onszelf niet volledig vooraf kunnen kennen. En precies daarin ligt de initiatie.
Voorbij het bekende
Want wanneer iemand werkelijk dichtbij komt, kan er meer gaan bewegen dan alleen wat er tussen twee mensen gebeurt. Ook het beeld dat je van jezelf hebt kan gaan schuiven. Wat vanzelfsprekend leek, voelt ineens anders. Wat je dacht te willen blijkt minder eenduidig. Een verlangen dat niet in je bestaande leven paste laat zich horen, of een kant van jezelf die je nauwelijks kende blijkt springlevend.
Dat kan ongemakkelijk zijn, verwarrend, spannend en ongelooflijk levend tegelijk. Liefde en seksualiteit raken immers aan diepe menselijke lagen: aan hechting en vrijheid, schaamte en plezier, macht en overgave, verlangen en grens. Aan onze levensenergie en aan hoe ver we ons durven openen voor een ervaring die we niet volledig kunnen beheersen.
Daarom raakt intimiteit voor mij aan initiatie. Niet omdat iedere intense ontmoeting ons leven op zijn kop hoeft te zetten, maar omdat we in de ontmoeting met de ander soms voorbij het bekende beeld van onszelf komen. We ontmoeten onze schaduw, onze levensenergie en kanten van het mannelijke en vrouwelijke die we misschien lange tijd vooral buiten onszelf herkenden. Soms weten we onmiddellijk wat we voelen. Soms hebben we nog geen idee wat we precies hebben ontmoet.
Juist dat niet-weten vind ik wezenlijk. Niet alles hoeft onmiddellijk verklaard, opgelost of omgezet te worden in een keuze. Soms begint er iets doordat we kunnen blijven bij wat een ontmoeting in ons wakker maakt en nieuwsgierig worden naar wat daarin over onszelf zichtbaar wordt.
Zo raakt intimiteit aan individuatie en uiteindelijk aan zelfrealisatie. Steeds meer van onszelf wordt bewust, geïntegreerd en geleefd. De polariteiten verdwijnen daarin niet. Kracht en zachtheid, autonomie en verbinding, verlangen en grens, het mannelijke en vrouwelijke blijven bestaan en krijgen juist steeds meer ruimte om in een levende verhouding tot elkaar te staan.
Soms komt iemand ons leven binnen en raakt precies datgene aan waarvoor we zelf nog geen woorden hadden. Die ander maakt iets in ons wakker wat we nog niet kenden, en laat ons tegelijk een patroon zien dat we al veel langer met ons meedragen en pas kunnen loslaten als we het werkelijk hebben gezien. Of die ander nu blijft of weer gaat.
Misschien is dat wel wat intimiteit doet. Ons dichter bij onszelf brengen dan we alleen konden komen.
